KB wijzigt opleidingseisen voor verpleegkundige algemene zorg

Menu

Het Staatsblad van 18 februari maakt het KB van 4 februari 2026 "tot wijziging van de WUG teneinde de Europese Richtlijn 2005/36/EG betreffende de erkenning van beroepskwalificaties en de gedelegeerde Europese Richtlijn (EU) 2024/782 van de Europese Commissie van 4 maart 2024 tot wijziging van Richtlijn 2005/36/EG wat betreft de minimumopleidingseisen voor de beroepen van verantwoordelijk algemeen ziekenverpleger, beoefenaar der tandheelkunde en apotheker om te zetten" bekend.

Aanpassing opleidingseisen verpleegkundige algemene zorg

Op 18 februari 2026 verscheen in het Staatsblad een nieuw Koninklijk Besluit (KB) dat de opleidingseisen voor de verpleegkundige verantwoordelijk voor algemene zorg (VVAZ) aanpast.

Met dit KB zet België een Europese richtlijn om die de minimumopleidingseisen voor verschillende zorgberoepen actualiseert. Voor verpleegkundigen gaat het om een aanpassing aan de wetenschappelijke en technologische evoluties binnen de gezondheidszorg.

Waarom deze wijziging?

De Europese Commissie voerde de voorbije jaren verschillende studies uit naar de inhoud en kwaliteit van de opleidingen in de gezondheidszorg. Daaruit bleek dat de bestaande minimumvereisten moesten worden geactualiseerd om beter aan te sluiten bij:

*de wetenschappelijke vooruitgang

*technologische innovaties in de zorg

*de veranderende rol van verpleegkundigen

*de toenemende complexiteit van zorgverlening

Het nieuwe KB past daarom de Belgische wetgeving (WUG) aan in lijn met deze Europese ontwikkelingen.


Wat verandert er concreet?

De wijzigingen hebben uitsluitend betrekking op de verpleegkundige verantwoordelijk voor algemene zorg (VVAZ).

Meer nadruk op samenwerking en begeleiding

De opleiding moet voortaan expliciet aandacht besteden aan:

*deelname aan de praktische opleiding van zorgpersoneel

*samenwerking met zorgpersoneel én andere gezondheidszorgberoepen

Dit onderstreept het belang van interprofessioneel samenwerken — iets wat in de thuiszorg dagelijks praktijk is.

Sterkere focus op patiëntgerichte zorg en zelfmanagement

Een belangrijke vernieuwing is de expliciete opname van:

*het vermogen om geïndividualiseerde verpleegkundige zorg te verlenen

*het versterken van patiënten, familieleden en andere betrokkenen

*ondersteuning bij zelfzorg en een gezonde levensstijl

Dit sluit nauw aan bij de kern van thuisverpleegkunde, waar empowerment en begeleiding in de thuissituatie centraal staan.

Leiderschap en innovatie

De opleiding moet voortaan ook aandacht besteden aan:

*het ontwikkelen van leiderschaps- en besluitvormingsvaardigheden

*kennis van technologische innovaties in de gezondheidszorg en verpleegkunde

Denk hierbij bijvoorbeeld aan digitale zorgtoepassingen, telemonitoring en nieuwe verpleegtechnische ontwikkelingen.


Vanaf wanneer geldt dit?

De bestaande regeling blijft van toepassing op iedereen die een opleiding verpleegkunde startte vanaf het academiejaar na 18 januari 2016.

De nieuwe competenties (samenwerking, geïndividualiseerde zorg, leiderschap en innovatie) gelden voor studenten die hun opleiding tot verpleegkundige verantwoordelijk voor algemene zorg starten vanaf het school- of academiejaar dat volgt op 4 maart 2026.

Voor reeds afgestudeerde verpleegkundigen verandert er dus niets aan de erkenning van hun diploma.


Wat betekent dit voor thuisverpleegkundigen?

Hoewel dit KB betrekking heeft op de basisopleiding, weerspiegelen de nieuwe accenten duidelijk de evolutie van ons beroep:

*meer complexe zorg in de thuissituatie

*grotere autonomie

*sterkere rol in coördinatie en samenwerking

*focus op zelfmanagement en preventie

*toenemende digitalisering

De Europese aanpassing bevestigt daarmee officieel wat in de praktijk al zichtbaar is: de verpleegkundige speelt een steeds centralere en meer gespecialiseerde rol binnen de gezondheidszorg ook en zeker in de thuiszorg.

Sluiten